Waarom zelf ontwikkelde hardware essentieel is voor innovatieve zorgtechnologie
Door Niels de Bruin – CEO CLB Groep
In dit artikel neemt Niels de Bruin je mee in zijn visie op waarom CLB al 45 jaar kiest voor het zelf ontwikkelen van hardware en wat ‘de beste willen zijn’ in de zorg volgens hem écht betekent.
Ik zeg het vaak: als CLB willen we de beste zijn.
En bijna elke keer wordt er even stil gekeken. “De beste waarin dan?”
Voor mij zit het antwoord niet in één feature of één product. Het zit in de keuzes die je maakt als het moeilijk wordt. De keuze om zelf hardware te ontwikkelen is daar een goed voorbeeld van. Het is misschien wel de zwaarste strategische beslissing die je als technologiebedrijf kunt nemen en daarbij ook de meest bepalende factor als je echt kwaliteit wilt leveren in de zorg.
Het kost jaren om tot een eindproduct te komen dat geïntroduceerd kan worden op de markt. Het vraagt kapitaal, discipline en technische diepgang. En bovenal: het brengt risico’s met zich mee die je met software simpelweg niet hebt.
Toch is dit een keuze waar we bij CLB al zo’n 45 jaar bewust voor staan. Niet omdat het makkelijk is. Niet omdat het goedkoop is. Maar omdat ik ervan overtuigd ben dat je in de zorg alleen echte kwaliteit kunt leveren als je bereid bent ook voor het moeilijkste pad te kiezen.
Hardware: geen optimalisatie maar een verantwoordelijkheid
Hardware ontwikkelen is kapitaalintensief. Zelfs kleine producten kosten al snel enkele honderden duizenden euro’s aan ontwikkeling. Grotere oplossingen gaan al snel richting de miljoenen en dat is dan nog los van productie, testen en certificering.
Maar het echte risico zit niet in die investering. Het zit in wat er gebeurt als er iets misgaat. Bij software los je een fout op met een update. Bij hardware moet je, in het slechtste geval, terug naar elke plek waar dat apparaat hangt. Dat kunnen honderden of duizenden locaties zijn. In de zorg raakt dat direct aan veiligheid en vertrouwen. Als je zegt dat je de beste wilt zijn, moet je dat risico ook volledig willen dragen. En dat ook nog eens voor een periode van minimaal 15 jaar gebruik.
Ik begrijp dus waarom veel bedrijven hardware inkopen. Het lijkt sneller en overzichtelijker. Maar in de praktijk betekent het bijna altijd concessies. Ingekochte hardware is generiek ontworpen. Bedacht om meerdere toepassingen “voldoende” te ondersteunen. Maar zorg vraagt geen voldoende. Zorg vraagt precisie en diepgang.
Zodra je iets écht specifieks wilt, bijvoorbeeld: betere akoestiek, robuustheid of privacy op apparaat niveau en dit wilt borgen in continuïteit over vele jaren dan loop je tegen grenzen aan. Dan haal je misschien 80% van wat je nodig hebt.
Ik geloof niet in die laatste concessie. Juist die laatste 20% bepaalt of een oplossing in de zorg betrouwbaar en maximaal ondersteunend is, of net niet. Met eigen hardware kun je wel voor de volle 100% gaan.
Continuïteit is geen belofte maar een ontwerpkeuze
Zorgorganisaties investeren niet voor 5 jaar. Grote implementaties kosten soms jaren voordat alles stabiel draait. Als je dan maar beperkt support kunt garanderen, blijft er weinig waarde over.
Wij ontwerpen onze oplossingen met een horizon van 15 jaar. Dat kan alleen als je zelf bepaalt hoe opvolgers passen in bestaande infrastructuur en hoe klanten kunnen blijven doorwerken zonder grote ingrepen. Continuïteit is geen belofte achteraf maar een ontwerpkeuze aan de voorkant.
Ontwerpen voor privacy, niet achteraf repareren
Een voorbeeld: wij draaien onze Kunstmatige intelligentie (AI) zoveel mogelijk op het apparaat zelf. Dat betekent dat data niet continu de cloud in hoeft. Dat is beter voor privacy, betrouwbaarheid en snelheid. Maar dat vraagt meer rekenkracht dan standaardapparatuur kan leveren. Daarom ontwikkelen we dit zelf. Dat zijn geen marketingkeuzes. Dat zijn ontwerpkeuzes. En deze kun je alleen maken als hardware en software samen ontstaan.
Zo ook voor security. Niets is krachtiger dan hardware waarbij vanaf het eerste idee security by design wordt toegepast.
Eigen hardware voor de zorg betekent: verantwoordelijkheid op één plek
Wat voor mij misschien wel het zwaarst weegt, is verantwoordelijkheid. Als je afhankelijk bent van externe leveranciers ligt een probleem al snel “ergens anders”. In een andere tijdzone. Op iemands roadmap. Buiten je invloedssfeer. In de zorg werkt dat niet.
Omdat wij hardware en software zelf ontwikkelen, kunnen we problemen oplossen binnen onze eigen organisatie. Snel, direct en zonder ruis. Dat vraagt veel van je mensen maar het geeft klanten rust en vertrouwen. Ik zie dat steeds minder partijen deze verantwoordelijkheid nog kunnen of willen dragen. Dat maakt het pad zwaarder, maar ons onderscheidend vermogen groter.
Ontwikkeling en innovatie door teams en samenwerking
Die keuze voor eigen ontwikkeling maken we al 45 jaar, maar nooit in isolement. Juist doordat we zelf ontwikkelen, werken we nauw samen met onze klanten. We dagen ze uit om feedback te geven en staan open voor kritiek. Daarnaast zijn we bereid om oplossingen aan te passen als blijkt dat het in de praktijk beter kan. De beste oplossingen ontstaan niet achter een bureau. Ze ontstaan samen met de mensen die er dagelijks mee werken. Ruimte om hiernaar te handelen heb je alleen als je zelf ontwikkelt.
Arbeidsvreugde als fundament voor groei
Minstens zo belangrijk als wat we bouwen, is het werkgeluk van onze mensen. Dat staat bij ons op één. Want alleen met betrokken en trotse teams kun je de beste innovaties ontwikkelen.
Het zelf ontwikkelen van hard- en software met onze eigen engineers en product owners draagt daar direct aan bij. Het geeft eigenaarschap en maakt ons trots. Terwijl steeds minder bedrijven in onze branche dit doen, blijven wij er bewust voor kiezen en juist daardoor groeien we. Zowel als organisatie én als team.
